Sporen van de Tweede Wereldoorlog

U bent hier:
Sporen van de Tweede Wereldoorlog

Het Terhorsterzand

Met Henk Brink, vrijwilliger van Staatbosbeheer in het Terhorsterzand en bovendien geboren en opgegroeid op Smalbroek aan de rand van het natuurgebied, maken wij, mijn vrouw en ik, een wandeling door het schitterende gebied, op zoek naar sporen van de Tweede Wereldoorlog. Voor Henk Brink is dit geen probleem, hij kent elke oneffenheid in het terrein.

Veranderd landschap

We starten onze wandeling op de parkeerplaats, lopen via het pad door het “bosje van Elema” en komen zo terecht aan de noordelijke kant van de zwemvijver. Voor ons een bekend rondje maar een loopgraaf of de restanten daarvan waren ons nog nooit opgevallen. Henk Brink: “In de Tweede Wereldoorlog, vanaf november 1942, was heel het Terhorsterzand Duits militair oefenterrein. Niemand mocht hier komen. Hier vlak bij de zwemplas liggen de restanten van de loopgraven, je ziet nog duidelijk de zigzaglijnen in het bos. Het Terhorsterzand was in mijn jeugd voor een klein deel bebost, de rest was heidegebied. Je keek vanuit onze boerderij op Smalbroek helemaal naar Wijster. In de oorlog was de zwemplas er nog niet, toen was het gewoon een heideveld. De afgraving voor de zwemplas gebeurde veel later en het vrijgekomen zand gebruikte men voor het ophogen van het gebied bij de DOMO. Op dat stukje heide, waar nu de plas is, hadden de Duitsers een schietbaan.”

Schietbaan

We lopen iets verder in zuidwestelijke richting en komen bij een verhoging met twee vlak naast elkaar gelegen stenen randen, die net boven het zand uitsteken. Henk Brink: “Dit waren twee kelders. Ze zijn nu volgestort met zand, maar in de Duitse tijd zaten daar soldaten tijdens de schietoefeningen. Zij bedienden de schietschijven. Met aanwijsstokken gaven zij de resultaten aan en op de kogelgaten werden plakkertjes gedaan zodat de schijven weer klaar waren voor een volgende schietbeurt. Deze kelders waren dus voor het oefenen met geweren op de langere afstanden. Direct achter deze kelders was een kogelvanger geplaatst, een grote aarden wal van ongeveer 6 meter hoog en 20 meter breed, opgebouwd van plaggen. Deze kogelvanger is in de loop der jaren helemaal verdwenen. 

Vanuit deze kelders, in militaire termen “waarnemingskuil”, werden de schietschijven bediend

Thuis heb ik nog kogels die ik daar gevonden heb en wanneer je gaat zoeken, dan vind je die nog steeds. Achter deze grote kogelvanger waren twee korte schietbanen voor het schieten met handvuurwapens. De contouren van die twee naast elkaar gelegen banen zijn nog heel goed zichtbaar. De grote kogelvanger had dus een dubbele functie, de ene kant was voor het tegenhouden van de kogels van de geweerbaan, de andere kant deed dienst voor het opvangen van de pistoolkogels.”

Duitse kogels uit het Terhorsterzand

De geweerbaan was 100 meter lang en op 50 meter afstand van de schietschijven was een verhoogd plateau van 20 bij 20 meter aangebracht zodat ook vanaf een korte afstand op de schijven geschoten kon worden. Ook op 70 meter was zo’n plateau gebouwd. Verder stond er een barak waarin instructie werd gegeven.

Ook waren er kabels aangebracht die verbindingen hadden met houten poppen die overeind getrokken konden worden. De soldaten liepen een parcours en op onverwachte momenten werden de poppen overeind getrokken om de reactie van de soldaten te testen.(1)

De veenplassen

We wandelen over het Zuiderkluftpad langs de Makkummerplas, genieten van de prachtige natuur en horen van Henk Brink dat de waterstand nog steeds zeker een halve meter lager is dan in het verleden. Makkummerplas? Makkum ligt toch verderop? Henk: “Hiervoor is een heel logische verklaring. Deze plas is ontstaan door het afgraven van het turf door boeren uit Makkum. We konden hier vroeger schitterend schaatsen en zwemmen. Niet alleen de jeugd uit de directe omgeving was er, maar ook de jeugd uit Beilen”.

De Makkummerplas
Henk Brink wijst de plek aan waar de Duitse jager is neergestort

Neergestort vliegtuig

We lopen verder en komen bij de heide waarop Henk ons zo’n 50 meter meeneemt. Hij wijst op een kuil: “Hier is in de oorlog, op 4 maart 1945, een tweemotorige Duitse jager neergestort. Jarenlang kon je hier nog stukken aluminium vinden, maar tegenwoordig is bijna alles weggezocht”. Henk struint wat rond en vindt toch nog enkele kleine stukjes.

Als we verder gaan in de richting van de A28 passeren we het veentje dat pal aan het fietspad grenst. Opmerkelijk is, dat aan de noordzijde van dat veentje een hoge wal ligt die het water tegenhoudt. Op één plaats is duidelijk door mensenhanden een geul aangebracht. Henk wijst ons erop en vertelt dat die geul was bedoeld om het water weg te laten lopen zodat men zonder natte voeten de turf kon afgraven. Die verhoogde wal is ontstaan door de natuur. Het stuifzand was namelijk door het water vochtig geworden en bleef liggen en het droge stuifzand werd door de wind weggeblazen. Vlak achter deze wal, dicht bij de weg van Spier naar Beilen worden we opnieuw verrast door een stelsel van loopgraven. Na 75 jaar zijn de zigzaglijnen nog steeds duidelijk zichtbaar.

Oefenterrein

Het hele Terhorsterzand was dus een afgesloten militair oefengebied. De familie Hoeksema, ook woonachtig op Smalbroek, heeft nog een waarschuwingsbord van de Duitsers met de tekst “Verboten zu Betreten. Übungsplatz der Wehrmacht” gehad. Zij gebruikten dat bord jarenlang als deurtje van het konijnenhok. (2)

Marcherende en fietsende Duitsers

Waar waren de Duitsers gelegerd? Hiervoor deed Henk Brink navraag bij zijn oom Jan Abbing, die ook zijn hele leven op Smalbroek heeft gewoond en hij wist te vertellen dat de Duitsers gelegerd waren in de openbare lagere school aan de Schoolstraat in Beilen. Dagelijks marcheerden zij, zingend, vier keer de afstand van Beilen naar het Terhorsterzand. Een hele tijdrovende bezigheid. Een enkele keer gingen ze ook wel met de fiets en daarvoor hadden ze een heel speciale methode ontwikkeld: een auto, twee lange touwen met zijlussen en daaraan een stuk of zes fietsende Duitsers die zich lieten voorttrekken. In de bocht bij de Linthorst Homanbrug ging het mis en kwamen ze te vallen. Leedvermaak in het dorp. Het experiment werd niet meer herhaald. (3)

Burgerwacht

In 1919 waren de binnenlandse verhoudingen nogal gespannen, er was angst voor een revolutie. Kennelijk ook in Beilen. Na een oproep van burgemeester Mansen reageerden 124 mannen om toe te treden tot de vrijwillige burgerwacht. Op 9 juni 1919 waren de eerste schietwedstrijden in het Terhorsterzand! Er werd met scherp op 3 banen geschoten. Een paar maanden later vonden er zelfs provinciale schietwedstrijden plaats. (4) Om het Terhorsterzand als oefenterrein en schietbaan te gebruiken was dus geen uniek Duits idee De Beiler bevolking had dit al jaren eerder

Colofon

Tekst:
Rik Martena

Foto’s
archief HVGB

Bronnen

  1. Tijdschrift HVGB, nr.3 1992
  2. Tijdschrift HVGB, nr.2 1993
  3. Gemeente Beilen 1940-1945, deel 1. G.J.Dijkstra e.a.
  4. Tijdschrift HVGB, nr.3 1994
  5. Interview met H. Brink
Secret Link